Peter Friedl

Blow Job

30.05 — 27.07.2008 Solotentoonstelling

Samengesteld door Anselm Franke

Deelnemende kunstenaars Peter Friedl

Al vanaf het begin van de jaren 80, toen Friedl een groot aantal essays over theater en theateresthetiek publiceerde, spelen deze thema's een rol in zijn werk. Het theater belichaamt het hele complex van representatie in zijn meest directe vorm: het probleem van 'spreekposities', van transformatie en van acteren – ofwel van wát er kan worden gezegd en hoe, in welk esthetisch genre en in welke politieke context. In zijn tentoonstellingen hanteert Friedl een nieuwe opvatting van genre – strategieën van tussen haakjes plaatsen, onthullen, monteren, en andere contextuele omzettingen – om deze vragen aan de orde te stellen binnen hun respectieve institutionele en historische kader en verhaal. Door zijn hele kunstpraktijk loopt als een rode draad een grote betrokkenheid bij de taal van het 'ondergeschikte' – bij datgene wat wordt buitengesloten van geaccepteerde symbolische systemen. Friedls werken zijn esthetische modellen voor het ontwapenen van machtsconfiguraties.

Deze tentoonstelling verwijst naar het internetproject Blow Job dat Friedl in 2001 is begonnen als een anonieme blog: een summier scenario vol met biografische, historische en fictieve verwijzingen, waaronder zeven personages. Lopende dialogen, regie-aanwijzingen en stukken tekst konden anoniem aan de website worden toegevoegd. Het geheel was opgezet als een zichzelf genererende portrettering van een specifieke sociale situatie op een specifieke plaats (Berlijn) en tijd, maar tevens als een reflectie op participatie-kunst, open structuren en postdramatisch theater. Voor de tentoonstelling in Antwerpen heeft Extra City Peter Friedl uitgenodigd om dit nu anachronistische rest-materiaal te bewerken. Net als eerdere op tekst gebaseerde projecten van Friedl, zoals Kromme Elleboog en Four or Five Roses, of de interviews in Working at Copan, roept Blow Job vragen op over auteurschap, institutionele praktijk en zichtbaarheid. De toneeltekst wordt gepubliceerd door Sternberg Press en gaat dienen als bronmateriaal voor projecten en samenwerkingsverbanden in verschillende institutionele kaders, te beginnen in São Paulo en Berlijn, najaar 2008. Deze tentoonstelling combineert een selectie van oudere werken met nieuw werk, dat werd geselecteerd vanuit het perspectief van de uitnodiging aan Friedl.

Het eerste werk op de tentoonstelling is de zeefdruk Kasperltheater (1964–2008), gebaseerd op tekeningen van een van Friedls kinderen; die tekeningen maakten ook deel uit van zijn recente overzichtstentoonstellingen en waren te zien op documenta XII. 'Kasperltheater' (Jan Klaassen) is (of was) een populaire vorm van poppenkast voor kinderen, en is voor veel mensen hun eerste kennismaking met theater. De oorspronkelijke tekening maakt deel uit van een reeks van 45 tekeningen die hier chronologisch worden gepresenteerd (1964–2008). Sommige zijn zelden of nooit eerder tentoon-gesteld.

Het beeldmateriaal voor de video-installatie King Kong (2001) is opgenomen in Sophiatown, aan de rand van Johannesburg. Sophiatown is eind jaren 50 door het apartheidsregime met de grond gelijkgemaakt om plaats te maken voor de blanke wijk Triomf. Destijds vormde Sophiatown de achtergrond van de Zuid-Afrikaanse jazzopera King Kong met als tragische held de bokser Ezekiel 'King Kong' Dhlamini. Friedls film is een subtiele deconstructie van een videoclip met liedjesschrijver Daniel Johnston, die omringd door kinderen een van z'n liedjes speelt waarin hij het verhaal van 'King Kong', de film, navertelt.

Sinds 1992 verzamelt Friedl beelden uit kranten en tijdschriften voor zijn langetermijnproject Theory of Justice. 'Als kunst van het waarnemen schetst elke theorie een beeld van de wereld. Maar wat gebeurt er als de beelden zelf theorie willen worden?' vraagt hij zich af. De titel van het project verwijst naar de pogingen van de Amerikaanse filosoof John Rawls (1921–2002) om de theorie van het sociale contract te vernieuwen. Als klassieke voorbeelden van politiek liberalisme propageren dergelijke theorieën een ordelijke samenleving, gebaseerd op een overkoepelende consensus onder de leden ervan. In het huidige mondiale drama van uitsluiting en marginalisering neemt het conflict – politiek als verzet – echter de plaats van de consensus in, gebruikmakend van de logica van het politieke om zich te verzetten tegen beschikkingen van de overheid, onderdrukking door de politie en institutionele regelgeving. Friedls foto's belichten motieven uit zijn archief/verzameling die hij opnieuw heeft gefotografeerd op zwartwit negatief, een methode die is af te lezen aan de minieme schaduwen aan de rand van de beelden. Terwijl het document een artefact wordt, leiden de beelden tot een momentum van autonomie.

Voor de 48e Biënnale van Venetië (1999) legde Peter Friedl met zijn gezin de eigen geschiedenis en die van zijn werk vast in tekeningen die hij op de computer bewerkte en daarna als een kleurboek liet drukken. Diverse motieven daaruit worden nu gebruikt voor een iconoclastische muurschildering. Die kan een commentaar zijn op participatiekunst, maar verwijst in elk geval naar de relatie tussen geheugen en geschiedenis en doet denken aan het Freudiaanse beeld van het geheugen als een palimpsest.

De diaprojectie Snjókarl toont kinderen in het Living Art Museum in Reykjavik. De kinderen bouwen een sneeuwpop van papier-maché naar een schets van Friedls zoon. De sneeuwpop had even groot moeten worden als de kunstenaar, maar de jonge beeldhouwertjes besloten om bij 1 meter 40 op te houden. Snjókarl is net een film in de vorm van stilstaande beelden. Deze dia's, genomen in 1999, zijn nooit eerder tentoongesteld.

Oorspronkelijk bestond Forty acres and a mule (2001) – ook een werk dat over tekortschieten gaat – uit een levende muilezel, een zwarte rubberen mat (in welke maat dan ook) en een reeks van vijf foto's die waren gebaseerd op beelden uit Theory of Justice. Hier krijgt de esthetiek van het minimalisme een politieke, historische lading: '40 are en een muilezel' was de compensatie die bevrijde zwarte slaven zouden krijgen in de nasleep van de Amerikaanse Burgeroorlog (1862–1865) – een belofte die nooit is nagekomen, hetgeen de Amerikaanse samenleving nog steeds parten speelt.

La Bohème (1997) is de vastlegging van een performance in Berlijn. Friedl ontwierp een affiche om 'La Bohème' aan te kondigen; het gebeuren vond plaats op een zolder (net als twee scènes in Puccini's La Bohème). In plaats van een voorstelling op te voeren voor een publiek, werd een publiek opgevoerd voor de voorstelling.

Een van de andere werken op de tentoonstelling is een kleurenfoto van een stenen reliëf in Copán, een oord van de Maya's in het huidige Honduras. Dit beeld is voor het eerst verschenen binnen de context van Friedls boek Working at Copan, dat ging over het lot van het modernisme. Working at Copan is vlak voor deze tentoonstelling verschenen en is verkrijgbaar bij Extra City en in de boekhandel. Hier fungeert de foto als een verwijzing naar de archeologie van de performance, die de laatste jaren steeds meer opkomt.

Peter Friedl heeft over de hele wereld geëxposeerd: op documenta X (1997) en documenta XII (2007), de 48e Biënnale van Venetië (1999), de 3e Biënnale van Berlijn (2004), en de 2e Internationale Biënnale van Hedendaagse Kunst in Sevilla (2006). Solotentoonstellingen vonden plaats in onder meer het Paleis voor Schone Kunsten, Brussel (1998); Neuer Berliner Kunstverein (1999); Casino Luxembourg, Luxemburg (2001); Chisenhale Gallery, Londen (2001); Institute for Contemporary Art, Cape Town (2002); Institut d'art contemporain, Villeurbanne-Lyon (2002); Frankfurter Kunstverein, Frankfurt am Main (2004); Witte de With, centrum voor hedendaagse kunst, Rotterdam (2004); Midway Contemporary Art, Minneapolis (2006); en de Kunsthalle Basel (2008). In 2006 was er in het Museum voor Hedendaagse Kunst in Barcelona (MACBA) een grote overzichtstentoonstelling, die daarna ook te zien was in het Miami Art Central/Miami Art Museum en het Musée d'Art Contemporain in Marseille.


Pieter Friedl, 'Secret Modernity. Selected Writings and Interviews 1981-2009'
2010, English
14 x 21 cm, 272 pages
ISBN 978-1-933128-96-2

Locatie Extra City - Antwerpen-Noord, Tulpstraat 79, 2060 Antwerpen